Wat leuk van je te horen, of eigenlijk te zien! Een penvriendschap met een opdracht heb ik nog nooit gehad, ik vind het wel een bijzonder gegeven. We hebben in ieder geval hetzelfde idee, om deze brieven te typen. Het lijkt me teveel werk om met de hand geschreven brieven helemaal over te moeten typen. Ook ik schrijf normaalgesproken het liefst met vulpen, hoewel ik het tegenwoordig bij mijn Parker pen houd. Ik schrijf zoveel en zo vaak, dat de vullingen om de haverklap leegraken; Parker vullingen houden het iets langer vol! 😊
Ik heb een soort ‘lockdown-ritme’ opgebouwd
Je woont dus in Capelle; daar kwam ik tot maart 2020 een paar keer per week voor mijn werk. Het gebouw van mijn werkgever staat aan de Marten Meesweg, vlakbij het Alexandrium. In de pauzes liep ik bij mooi weer samen met collega’s langs dit winkelcentrum (of woonboulevard?). In alle vroegte vertrok ik uit Den Haag en nam ook vaak een collega mee, en dan was ik 35 minuten later op kantoor. De terugweg duurde dubbel zo lang vanwege de files. Ik mis het naar kantoor rijden absoluut niet. Ik vond het toch al absurd dat ik iedere donderdag voor een uurtje vergaderen anderhalf uur moest rijden: wat een verspilling van benzine en ook van mijn tijd. Niet goed voor het milieu ook. Met mijn collega’s vergader ik dagelijks via Teams, en ik vind het prima gaan.
Ik heb een soort ‘lockdown-ritme’ opgebouwd: ik schuif om zes uur ’s ochtends achter mijn bureau, ga om zeven uur met de labrador wandelen, om half acht ontbijten en om acht uur verder met werken. De invulling van de rest van de dag hangt af van huisbezoeken of telefonische onderzoeken of welke andere diensten ik dan ook moet draaien. Ik vind het eigenlijk heel fijn dat ik – als ik in de middag stop met werken – meteen thuis ben. Mijn man en ik werken allebei naast elkaar op zolder met blik op het park. Ik prijs me gelukkig dat ik een aparte werkplek heb en niet in de woonkamer hoef te werken. En dat mijn werkgever het thuiswerken goed faciliteert.
Het is weleens schipperen, aangezien mijn man regelmatig met klanten en collega’s belt, net als ik. Gelukkig hebben we het washok nog, hahaha! Daar staat een hoge klaptafel. Soms wijk ik uit naar die ruimte, een andere keer doet mijn man dat. Iedere ochtend nemen we even onze afspraken door: “Heb jij nog calls? Hoe laat heb jij een presentatie?”

Gelukkig voor mijn man ben ik regelmatig uit huis vanwege bezoeken aan cliënten. Ik heb er meestal twee achter elkaar en ga doorgaans op de fiets, behalve als ik langer dan een half uur enkele reis moet fietsen. Niet dat ik het niet zou willen, maar dan ben ik zolang onderweg dat ik niet genoeg tijd meer heb om de huisbezoeken uit te werken.
Den Haag is een ideale stad om te fietsen: bijna overal fietspaden. Je schrijft dat deze tweede lockdown anders is. Dat je het saaier vindt. Ik hoor dat van meer mensen. Ook van de kwetsbare mensen die ik regelmatig spreek. Ze missen het om ongedwongen (spontaan zonder mondkapje) naar buiten te kunnen of meer dan twee (nu één) mensen op bezoek te ontvangen. Sommigen zijn echt heel bang om besmet te raken, wat ik goed begrijp. Velen gaan lichamelijk en/of mentaal achteruit door het thuiszitten.

Ik loop zelf ook een zeker risico door de huisbezoeken die ik afleg. Ik draag altijd een mondkapje en de voorwaarde van mijn werkgever is dat er behalve mij en de cliënt, maximaal één ander persoon bij het gesprek aanwezig mag zijn. We proberen ook veel via videobellen af te handelen, maar dat lukt niet bij iedereen. Vorig jaar kreeg ik in oktober een mailtje van een verzorgingshuis dat de cliënt bij wie ik op bezoek was geweest, positief getest was, een dag nadat ik bij hem was geweest. Dat was toch even schrikken! Ik belde de GGD, maar ik kon geen afspraak maken voor een test als ik geen klachten had. Daar zat ik dan: moest ik voor de veiligheid alle andere huisbezoeken afzeggen! Ik vond het toch wel een beetje eng. Ik doe altijd heel stoer en ben oprecht meestal niet bang om besmet te raken, maar het deed me toch meer dan ik van tevoren had verwacht. Gelukkig liep het met een sisser af.

Ik heb niet zo’n last van de lockdown omdat ik door mijn werk veel afwisseling heb, ondanks dat ik vanuit huis werk. En ik heb man, kinderen en hond thuis, waardoor ik dagelijks andere verhalen hoor en met Charlie naar buiten moet om hem uit te laten. Daardoor spreek ik ook dagelijks andere hondenbezitters en hoor ik weer eens andere verhalen. Hij is overigens géén ‘coronapuppy’, maar een grote volwassen hond die al bijna vijf jaar deel uitmaakt van ons gezin. De tekening links is door een kunstenaar gemaakt van een foto van Charlie. Een cadeau voor mijn dochter toen zij en haar vriend in januari de sleutels van hun appartement kregen.
Ik kan me wel voorstellen dat deze tweede periode zwaarder is, het duurt al zo lang en waar is het einde? Mensen hebben kortere lontjes, daaraan merk ik het ook. Je vertelt dat je als marshal (ik moest even opzoeken wat de taken zijn van een marshal op de golfbaan, ik kende de term niet!) een keer uitgemaakt bent voor Stasi. Het verbaast me niet; mensen willen weer ‘lucht’ en ‘normaal’ en zijn alle maatregelen zat. Wel fijn dat je toch weer mag golfen. In de buitenlucht zijn is ‘goed voor het gemoed’, je knapt ervan op. Daarom fiets ik graag.
Misschien ben ik in 2027 al oma......
Over zeven jaar, dat is best een lange tijd. Wat kan er niet allemaal gebeuren in die jaren… Ik ben dan - bij leven en welzijn - zestig, niet meer al te ver van mijn pensioen verwijderd. Hoewel, misschien wordt in 2027 wel beslist dat de mensen tot hun 69e of zeventigste moeten werken. Dan zal ik vanaf 2027 nog tien jaar aan mijn werkzame leven moeten plakken. Misschien ben ik in 2027 al oma, hoewel dat van mij niet per se hoeft. Zoals het met het klimaat, de vervuiling, oorlogen enzovoort gaat, baart de toekomst van mijn kinderen me al genoeg zorgen, laat staan die van hun eventuele kinderen.
Ik ben altijd zeer optimistisch van aard, maar in dit opzicht niet. Ik hoop – zo je wilt is dat mijn dan toch hoopvolle beeld van, of wens voor de toekomst – dat we in 2027 iets geleerd hebben van deze coronapandemie: dat we niet klakkeloos zomaar het vliegtuig overal naartoe pakken, dat we minder autorijden en dat we gespreid over de dag rijden zodat er geen files meer staan. Dat thuiswerken de norm is waar dat kan (een verpleegkundige of een arts kan dat natuurlijk niet altijd). En dat al die leeggekomen kantoorpanden waar toch niemand meer zit, omgetoverd zijn tot woningen voor jong en oud, zodat er niet nog meer natuurgebieden hoeven worden opgeofferd vanwege de woningnood. En in het verlengde daarvan, als we toch bezig zijn de wereld te redden: dat de meeste huizen zonnepanelen hebben, dat het normaal is dat we minder vlees eten, dat plastic verpakkingen sterk zijn teruggedrongen.
En op het persoonlijke vlak: dat mijn man zijn Volvo aan de kant heeft gedaan omdat hij niet meer voor zijn werk de wereld over hoeft te vliegen en dus niet meer naar Schiphol en Rotterdam Airport (pardon: Rotterdam – The Hague Airport…) hoeft te rijden, zodat we nog slechts één auto bezitten. Liever helemaal geen, maar die doe ik dan aan de kant als ik met pensioen ga…
Ik durf de auto ook niet automatisch in te laten parkeren: ik wil zelf de controle houden
Jouw idee van het vervoer vind ik ook goed: met de eigen auto in een treintje de snelweg op. Dat idee heb ik al meer gelezen en er is zelfs een schrijfster die er in haar boeken over schrijft (de futuristische thrillers van J.D. Robb oftewel Nora Roberts). Misschien moeten we een aparte trein voor vrachtwagens creëren 😊. De techniek zal wel nog verder ontwikkeld worden. Jaaaaa, ik geloof graag dat we slechts veertig procent van alle moderne snufjes in onze auto’s gebruiken. Ik heb in januari een nieuwe auto gekocht – mijn zoon en ik maken er samen gebruik van – en hij is zo geavanceerd dat hij zichzelf kan inparkeren. “Beam me up Scotty!” Ik ben helaas niet zo technisch onderlegd, dus ik maak waarschijnlijk van nog minder dan veertig procent van de snufjes gebruik die in de auto zijn aangebracht. Ik durf de auto ook niet automatisch in te laten parkeren: ik wil zelf de controle houden. Mijn zoon – 19 jaar jong – probeert met veel enthousiasme alles uit en heeft die schroom niet.
Nou, voor een eerste brief van mijn kant heb ik het ene A4-tje ruimschoots overschreden, zoals gewoonlijk. Ik had wel meer kunnen schrijven over deze vreemde coronatijd, maar er moet ook nog iets overblijven voor volgende brieven, dus ik stop hier.
Groetjes, Annemieke
P.S: Wat grappig dat je ook boeken schrijft, de geschiedenissen van jouw familie. Dat hebben we dan gemeen; hoewel ik meer boeken over anderen dan over mijn eigen familie heb geschreven. Doe je veel ‘onafhankelijk’ research of heb je nog familieleden die je iets kunnen vertellen over vroeger?
P.S.2: Waar ben je in het Westland opgegroeid?
