Log in

Ik probeer zo weinig mogelijk nieuws te kijken

portret van Xavierportret van Pauline
Xavier aan Pauline
2/15
Amsterdam, 26 april 2020

Dag Pauline,

Bedankt voor je brief. Ik open hem dertien dagen later. Het voelt alsof het zo heeft moeten zijn. Het coronavirus dwingt ons weer wat tijd te nemen voor de dingen. Een boodschap die er even over doet om aan te komen. Zoals de post vroeger naar mijn oudtante Tylou in New York. Daar moest je ook altijd op twee weken rekenen. Minstens. In een hoekje van een oude kast van mijn ouderlijk huis lagen de speciale lichtgewicht enveloppen, met lichtblauw lichtgewicht papier. Ik mocht er dan een extra postzegel op plakken, een donkerblauwe met een wit vliegtuig er op. Air mail. Ik vlieg mijn gedachten naar je terug.

Je constatering dat dit monsterlijke coronavirus eigenlijk alleen echt leeft in de taal. Zo belééf ik dat, alleen had ik er nog geen woorden voor gevonden

Laat ik beginnen te zeggen dat je brief me een paar keer raakte. Mij ook nieuwe inzichten bracht. En dat vind ik fijn. Want ik definieer vooruitgang als een toename in relaties, vaardigheden en inzichten. Ik spring tijdens het schrijven van deze brief af en toe terug naar de jouwe. Om je woorden in al hun precisie weer even te proeven op de tong van mijn verbeelding. Je constatering dat dit monsterlijke coronavirus eigenlijk alleen echt leeft in de taal. Zo belééf ik dat, alleen had ik er nog geen woorden voor gevonden. Het omschrijft heel nauwkeurig mijn gevoel na zes weken zelfopsluiting. Zo lang we niet zelf ziek worden, is het er alleen het van horen zeggen. De vogels fluiten door. We blijven boterhammen smeren in de ochtend. Het gebrek aan fysiek gevaar maakt me dan soepeler in handhaving van de regels. Waar ik de buren eerst op twee meter afstand sprak, zijn we onbewust steeds dichter bij elkaar gekomen. Het begint met een keer niet moeilijk doen over het passeren van elkaar in de achtertuin, dan laat je de kinderen toch maar met elkaar spelen en voor je het weet zit je samen aan de buitentafel een kop thee te drinken. We hanteren steeds minder afstand, om uiteindelijk te concluderen dat we maar één gezin zijn met vier ouders en vier kinderen. De buurman loopt wel risico’s, want vult de schappen in de supermarkt. Maar goed. Dit monster bestaat voor ons alleen in taal, dus we versoepelen de regels in dit nieuwe normaal. 

Zo gaan die dingen kennelijk. We passen ons aan. 

Ik moet denken aan brieven uit de oorlog. Eerst zijn de mensen in schok over de Duitse inval, en daarna passen ze zich aan. Gaan de brieven over het draaiend houden van het huishouden, het weer, de nieuwe aardappelen en of er nog echte koffie is. Het alledaagse, want veel meer is er eigenlijk ook niet. Ik las eens over een monnik die verlicht was. Iedereen was verbaasd als ze naar hem keken. Hij deed niets bijzonders. Bereidde zijn eten. Hij waste zijn kleren. Zat in de zon. ‘Meer is er niet’, schijnt hij gezegd te hebben.

Ik bekeek honderden berichten per dag en heb besloten dat ik genoeg nieuws voor mijn hele leven voorbij heb zien komen

Als ik het heb over brieven uit de oorlog, dan heb ik het niet over de brieven van vervolgde onderduikers natuurlijk. Maar wel van gewone Nederlanders. Wie de echte slachtoffers van dit coronamonster worden, zal blijken over een paar jaar. We denken toch de mensen die al kwetsbaar waren. Economisch zwak met nul-uren contracten in ons deel van de wereld, of de ogenschijnlijk onaantastbare eigenaren van bedrijven die lonen moeten doorbetalen zonder inkomsten te hebben. Dat worden miljoenen faillissementen in de wereld. In arme delen van de wereld ontbreekt de staatssteun. De voor ons onzichtbare vervolgden zijn daar de textielwerkers uit stilstaande fabrieken, en boeren die niet kunnen exporteren. Dan zijn er nog al die mensen die lichamelijk fragiel zijn met een gebrek dat ze nu niet onderkennen en nalaten te behandelen. Ik schrik toch even dat ook jij op die manier een delicaat hart hebt. 

Ik probeer zo weinig mogelijk nieuws te kijken. Een gewoonte die ik al jaren heb. Ik ben journalist geweest, moet je weten. Ik bekeek honderden berichten per dag en heb besloten dat ik genoeg nieuws voor mijn hele leven voorbij heb zien komen. Ik kan ook niet zeggen dat ik me verveel. Het is een van de drukste periodes van mijn leven. Ik heb kleine kinderen die eigenlijk permanent aandacht vragen tijdens de thuisschool. Op mijn werk ben ik als directeur verantwoordelijk voor het draaiend houden van de inkomsten van een organisatie die duizenden mensen werk verschaft. Ik werk in de nieuwsmedia, een vitaal beroep zo bleek, wat een overdrijving is in mijn ogen. Maar dit terzijde.

Terwijl zij in het ziekenhuis zit, maak ik via mijn telefoon verbinding met internet en begin mails af te handelen met de computer op schoot

Verder heb ik een vader met dementie in een verpleeghuis. Mijn moeder, alleen thuis, brak haar pols. Die heeft ook aandacht nodig. Zo zag afgelopen donderdag er dan uit: vroeger op dan normaal. Ontbijt maken voor de kinderen. De tafel daarna vrijmaken voor thuisschool. Vochtig doekje erover. Hen aan het werk krijgen, ondanks al het tegensputteren, om vervolgens van Amsterdam naar mijn moeder in Rotterdam te rijden, terwijl ik de eerste afspraken van de dag al rijdend telefonisch afhandel. Dan met mondkap op en ramen open naar het ziekenhuis rijden met mijn moeder achterin, wiens gips er gelukkig af gaat na vier weken alleen leven in een groot huis met één arm. Terwijl zij in het ziekenhuis zit, maak ik via mijn telefoonverbinding met internet en begin mails af te handelen met de computer op schoot, ingeklemd tussen mijn buik en het stuur. Op de weg terug inbellen bij vergaderingen. Snel parkeren voor de deur en met bonzend hart loop ik naar binnen en hoor dat er ruzie is tussen mijn kinderen en de thuisjuf in de woonkamer. Ik kan er geen aandacht aan besteden en ren naar boven tot ik in de studeerkamer ben. Gordijnen dichtrukken, laptop open en mijn presentatie begint aan veertig mensen. Ik praat anderhalf uur in het Engels tegen mijn laptop en heb een rauwe keel. Als de presentatie eindigt - toch altijd een soort show waarin je alles geeft - ben ik op, maar ik moet nog vijf uur vergaderen met videobellen. Het gaat over projecten. Over het versnellen van de verkopen online. Over het ontslaan van mensen om kosten te besparen aan de andere kant. Weerstand bij andere afdelingen om stappen te zetten die in mijn ogen nodig zijn. Intensieve gesprekken. Soms wissel ik van de studeerkamer naar de tuintafel, om nog iets te bewegen.

We zitten door het gebrek aan beweging in het gezin met zijn allen aan een kort lontje

Als ik sta te koken, is het de beurt van mijn vrouw om te werken. Ik zie vanuit de keuken de kinderen op de bank, verdiept in hun schermen. Ik kies net als jij uit de koelkast op datum wat ik ga maken. Als ik maar niet naar de supermarkt hoef, nog een oord vol spanning. Ik scharrel alles bij elkaar. Voelt als dat programma op de BBC: Ready Steady Cook. Voor de pannen kan ik na tien uur inspanning eindelijk even ademhalen, maar ik voel me eigenlijk nog misselijk van de haast en concentratie de hele dag. Voor mij geen Netflix, geen boek, geen videobellen met vrienden. Ik snak naar wat jij noemt ‘zo groot mogelijke alertheid op wat er gevraagd wordt.’ Me richten op dat wat nu aandacht behoeft. Als de kinderen later op bed liggen na de afwas en het rituele fruit, tandenpoetsen en voorlezen, lig ik doodmoe in bed. Ik probeer dan naar de wijsheid van mijn lichaam te gaan. Dat weet beter wat er echt aan de hand is. En niet mijn hoofd, dat hoekjes ingaat, patronen herhaalt als de terugkerende draak uit jouw kinderdromen. Wat zegt mijn lichaam? Alles zit op slot. Ik heb verkrampte duimen van de boodschapjes op de telefoon, een stijve nek van uren naar de computer staren. Liezen, kuiten, alles is stijf. We zitten door het gebrek aan beweging in het gezin met zijn allen aan een kort lontje, maar daarover later zeker meer.

Ik wil eindigen met mijn kinderdroom. Het was een tastbaar gevoel dat me elke keer overstelpte. Het begon als een zandkorrel die uitzette en uitzette, net als we geleerd hebben over het heelal. Oneindig bleef die korrel maar uitdijen. Niet tegen te houden tot hij mij verdrong. Ik laat de interpretatie aan jou over en kijk uit naar je brief. 

Alle goeds.

Xavier

linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram