Wat vind ik het bijzonder dat je Willem Barentsz volgt. Als schip meerde zij vele keren bij ons aan de kade aan. Ze was een logge dame en schreed over de zeeën met haar 14.5 knopen. Als zij binnenliep had het gehele personeel van mijn werkgever, de Stoomvaart Maatschappij Nederland, toch enige gêne. Ik ook. Wij wisten niet goed waarom, maar wel dat er iets niet helemaal goed ging met haar vangst... Zij zag er netjes en schoon uit bij het aanmeren. Maar met die harpoenen aan haar zijde was toch iets niet helemaal in orde. Mama troostte mij door te zeggen dat levertraan de mens op de been hield. Dat was toen. Wij schrijven. Wil je mij op de hoogte houden van je bevindingen omtrent onze Willem?
Alle boeken en documentatie die te vinden zijn over James Cook heb ik gelezen. Ook over zijn privéleven. Het is een ongeschreven wet dat leiders (hij van burgerzoon opgeklommen tot de admiraliteit) ongevoelig worden voor gevaar. Ze worden overmoedig en denken onschendbaar te zijn. Bij zijn laatste reis is hem afgeraden om weer koers naar Haïti te ondernemen. Dat was tegen de dovemansoren van Cook, hij is letterlijk opgepeuzeld door de Haïtianen.
Voor een van mijn kleinzonen, hij was toen 14 jaar, ging er een wereld open toen ik vertelde dat als Michiel Adriaenszoon de Ruyter thuiskwam van een reis, het potje eten voor hem klaar stond, geserveerd door zijn vrouw. "Dat is gek oma! Zo’n belangrijke man en dan gewoon thuis boerenkool met worst eten."
Wij hebben veel ondernomen, mijn kleinzoon en ik, en toen wij in Amsterdam waren, zijn wij naar het huis gegaan waar De Ruyter heeft gewoond. Wij logeerden in Bergen (Noord-Holland) in hotel 1900 en toen wij terugliepen naar het Centraal Station vroeg hij of we langs de mooie vrouwen konden lopen. Dat mocht en op het eind, bij de Schreierstoren, zei hij: “Is dat alles oma?” Een kind vulde mijn gedachten aan. De sjeu is weg, het hart is eruit. Amsterdam huilt (alweer).
Ik houd van oude huizen die zuchten onder een vlaagje wind. Huizen die kraken onder je voeten, die geschiedenis uitademen
Je ouders zijn architecten. Dan zijn zij waarschijnlijk op de hoogte van het huisje dat in de muur van het Victoriahotel staat. Thomas Roosenboom beschrijft in zijn boek dat het een vioolbouwer is geweest die op deze plek zijn nering had. In werkelijkheid was het een groenteboer die handelde in groenten en fruit. Dat vond de auteur niet chic genoeg. Dat zegt veel over hem. Over de hele wereld staan panden leeg. Die staan te verpauperen en dat vind ik mooi! Ik houd van oude huizen die zuchten onder een vlaagje wind. Huizen die kraken onder je voeten, die geschiedenis uitademen. Met traptreden en opkamertjes.
Het boek van Maria van Aelst zal ik zeker gaan lezen. Dankjewel voor de tip. Holland (en de wereld) kennen sterke vrouwen. Vrouwen die, zoals wij dat noemen, onsterfelijk zijn. Zoals de gezusters Brontë, Bettina Brentano, die haar hele leven verliefd was op Goethe. Lucrezia uit het huis Borgia, die tot haar dood diep, diep ongelukkig was. Nu was je sowieso al vergiftigd als je een Borgia was.
Oma had een geluidsopname van Sara Bernhardt. Ik was als kleine meid diep onder de indruk van haar diepe, zwoele stem. Een vrouw die soms vergeten wordt maar altijd weer in de tijd terugkomt is Lilith, de eerste vrouw van Adam. Zij was zeer geliefd bij de vrouwen van Baas in eigen buik. In de Thora wordt zij één keer beschreven als de krijsende nachtuil. Als je de Sixtijnse Kapel binnenloopt en je kijkt omhoog, dan zie je een schildering van Michelangelo. God die met zijn rechterhand Adam het leven geeft en in zijn linkerarm een vrouw draagt: Lilith.
Nederland kent Goeie Mie uit Leiden. Niet alleen sterk maar ook slim. Zij was stervensbegeleidster en kreeg in een nacht een sublieme gedachte. Zij kreeg een paar stuivers als de stervende was overleden. Zij dacht er goud geld uit te kunnen slepen door de stervende een handje te helpen met vergif. Het Vroedschap vond op een gegeven moment dat er wel heel erg veel mensen stierven bij Goeie Mie. Spionnen van het Vroedschap kwamen erachter en het vuur was haar einde.
En dan ons Weintje Wendelmoed, Klaasdochter, 1495-1537. Niet alleen sterk, maar ook dom. Weintje die ervan overtuigd was dat Maria onbevlekt ontvangen was. Haar leermeester was pastoor Almekinders (een koosnaam). De schout Rijer Jans haar goede vriend. Luther kwam, zag en overwon. Ook in Monnickendam. De stad bekeerde zicht tot het protestantisme. Behalve Weintje. Het Vroedschap en Rijer Jans bedachten een list. Rijer omdat hij zijn goede vriendin wilde behouden. Weintje was niet over te halen. Maria in verwachting door den doodgewone man? Hoe halen ze het in hun hoofd! De list was als volgt: er was een protestants huwelijk op komst en Weintje werd gevraagd als getuige. Dat weigerde zij pertinent. Zij is per koets, met naast haar goede vriend Jans, naar Den Haag gebracht waar een keuze werd gegeven: “Als u zich nu nog bekeert tot het protestantisme, kunt u gaan en bent u vrij.” Ook de schout, die heimelijk verliefd was op Weintje heeft pogingen ondernomen haar van gedachten te doen veranderen. De volgende dag bij de slag van zeven steekt Jan van Zaanen uit Haarlem in de Hofstad het vuur aan, aan de voeten van Weintje. Zij niet vergeten. In Monnickendam is een straat naar haar vernoemd.
Mijn kinderen zijn altijd bij me gebleven, ook toen ik zei dat ze naar hun vader mochten
Genoeg over hen. Lieve Anna, je schrijft dat je veel over jezelf schrijft. Dat vind ik geweldig hoor! Wij mogen elkaar leren kennen en dat kan door veel over jezelf te schrijven. En dat je je brief niet begint met vragen hoe het met mij gaat? Het is goed zoals het is. Ik ben in 1989 gescheiden en op 6 januari 1990 was het officieel. Mijn kinderen zijn altijd bij mij gebleven, ook toen ik zei dat ze naar hun vader mochten. Ik ga daar niet over, dat beslissen ze zelf. Ze wilden niet. Ik heb een zoon en een dochter. Om als moeder een zoon hebben, is als slagroom op de taart. Een dochter is wankelen op het slappe koord. Mijn zoon heeft drie zonen en mijn dochter heeft een dochter en een zoon.
Ik ging twee keer per jaar naar Bergen, naar Hotel 1900. In het voorjaar met mijn kleindochter en in het najaar met mijn kleinzoon. Als ik met mijn kleinzoon bij de Schipholtunnel reed, telden wij de vliegtuigen in de lucht. Eens was het zó spannend. Een Boeing 747 vloog heel laag, net toen wij kwamen aanrijden. Mijn kleinzoon vond het geweldig. Bukken! Later dacht ik hoe leuk het zou zijn als hij zelf in een vliegtuig zou zitten. Ik heb diverse vliegmaatschappijen gebeld. Op één dag naar een vliegveld van Parijs, of Berlijn, en dan lekker shoppen en eten op het vliegveld en dan weer terug. Er was geen maatschappij die dit kon aanbieden. Alleen de KLM had zo’n dagreis. Voor twee personen 895 euro. Poeh! Ik vertel het mijn vrienden die in Portugal woonden en mijn vriend zei: “Waarom kom je dan niet met hem naar ons? Kan hij vliegen. Kom je zondag over een week en ga je de volgende zondag terug.” Direct belde ik mijn schoonzoon en hij zei het een geweldig idee te vinden. Zijn zoon in een vliegtuig!
Mijn kleinzoon vond het 'knap cool' en 'gaaf' in het vliegtuig. Hij zat bij het raam. Toen wij Porto naderden en zouden landen ging er iets mis bij de landing. Alle mensen riepen “Oooohhhh!”. Mijn kleinzoon zei: “Oma, wat leuk hè! Vet! Bijna omgeslagen, bijna oma, niet helemaal.” Hij heeft een geweldige tijd gehad in Portugal. We zijn overal geweest. We stonden aan de Atlantische Oceaan die toch weer anders, dieper is dan onze Noordzee. De golfjes waren, geloofden wij, net meerminnen die een dansje deden. We zijn onder andere bij het huis van voormalig dictator Salazar geweest. Later het onderkomen van Gerrit Komrij. Salazar is in 1970 zonder enig amok vertrokken. In 1975 werd Portugal democratisch. UNESCO heeft veel geld geschonken aan dit land. Snelwegen aangelegd, bergdorpen opgeknapt en wateren laten uitbaggeren. Onze gezamelijke vriend met zijn twee honden en drie poezen zijn omgekomen tijdens de bosbrand in Portugal. Mijn Portugese vriend is ook niet meer. In oktober 2016, met de urn onder onze arm, zijn we naar Olhao gereden, een prachtige plek aan de oceaan, daar hebben we hem uitgestrooid en een foto neergezet. Portugal, zijn land. En zo is het goed.
Mijn zoon kwam als Thea van Theo op bezoek. Men dacht werkelijk dat het Thea was
Wat een prachtige plek! De Marnixstraat. En uitkijken op de schouwburg en het plein. Ja, eenzaamheid. Op het moment realiseer je je het niet, de eenzaamheid. De mens leeft achteraf. Later besef je pas dat je eenzaam was. Wat naar voor je! Het maakt je wel de persoon die je nu bent. Wie ben jij Anna?
Acteren, heerlijk om in de huid van een ander te kruipen. Een vriend van mijn zoon lag in het ziekenhuis met een gebroken been. Mijn zoon kwam als Thea van Theo op bezoek. Men dacht werkelijk dat het Thea was. Helemaal compleet met tandjes en al. En dat stemmetje he! Mijn zoon houdt ook van acteren en hij kan het. Hij is electric engineer en reist als zodanig over de hele wereld. Hij weet alles van transportbanden. Fabrieken en luchthavens. Mijn dochter is office manager Duits op een hogeschoolin Enschede. Het is het einde van de trein, geen mens hoeft daar te zijn, geen hond gaat zover mee, Enschede! Onze geliefde Willem.
Wat leuk dat je de Orteliusstraat kent. Ik ben geboren op nummer 18 twee hoog, tegenover de pastorie. Op de hoek van de Postjesweg was vroeger een winkeltje met religieuze beeldjes en sieraden. Ik zag voor het eerst een meneer in een jurk als meisje van bijna drie jaar . Dat was gek! Oma zei dat het Onze Lieve Heer was. Tante Elisabeth vertelde over de Jacobsladder. Een tante die ik alleen maar ken van op bed liggen. Zij had de ziekte van Recklinghausen. Een spierziekte die men nu MS noemt. Ziek geworden door polio in haar puberteit. Een fijn, open gezin, het gezin van mama waar opa ontbrak. Gestorven in de Hongerwinter van ’44 door honger. Als ik daar niet was opgegroeid had ik het later in mijn leven niet gered. De ouders van papa woonden in de Jan Evertsenstraat 141 huis. Net om de hoek bij de Orteliusstraat. Een schat van een joodse oma. Opa deed lelijk, liep altijd te vloeken. Ik beschrijf hem in mijn boek. Heerlijk!
Lieve Anna, ik ga je later schrijven over Ischa, over Ramses, Michiel van Erp en Michel van Egmond. Over mij en Albufeira. Over de goede vriend van mijn kleinzoon. Over Den Haag en dan met name over Cornelis de Witt.
Ik zie jouw brief met gezonde spanning tegemoet.
Liefs,
Ineke